Project

Fietsapp bespaart Enschede 36 miljoen

De gemeente Enschede maakt serieus werk van fietsen, getuige de ambities van Fietsstad 2020. De renovatie van een tunnel en een nieuwe brug zouden de gemeente bij elkaar 36 miljoen euro kosten. Daarom besloot de gemeente in te zetten op slimmer fietsbeleid, onder andere met een fietsapp.

Dat schrijft Future City Magazine. De gemeente wilde op de toegenomen verkeersdrukte anticiperen door de invalsweg te verdubbelen van twee enkele rijstroken naar twee maal twee rijstroken. Zo simpel lag het echter niet. Naast een verdubbeling van het aantal rijstroken zouden ook de tunnel en een brug vernieuwd moeten worden. Geschatte kosten voor de brug over het Twentekanaal: 11 miljoen euro. Geschatte kosten voor verbreding van de bestaande spoortunnel: 25 miljoen euro. Totale kosten: 36 miljoen euro.


"Kan dat niet beter en goedkoper, was onze gedachte." Aan het woord is Benjamin Groenewolt, projectleider Enschede Fietsstad 2020. “De verdubbeling van het aantal rijstroken was vooral nodig in de spits. Om dan miljoenen euro’s te besteden aan een nieuwe tunnel en brug vonden we niet de beste keuze. Al snel kwam het idee om mensen via een applicatie te wijzen op alternatieve routes om op de plaats van bestemming te komen. De SMART-app heeft de stad miljoenen euro’s bespaard."

Europees onderzoeksproject

Waar de gemeente Enschede in beginsel zelf aan de slag ging en de lokaal aanwezige expertise raadpleegde, deed zich de kans voor om een Europees project te starten samen met het toenmalige researchinstituut Novay. Deze kans werd gegrepen en er kwam cofinanciering vanuit de EU. Project SUNSET (SUstainable social Networking SErvices for Transport) ging van start met negen partners uit vier verschillende EU-lidstaten. Partners waren naast de gemeente Enschede en Novay onder andere de Universiteit Twente, Queen Mary University uit Londen, University of Leeds en het Zweedse research en development instituut Viktoria. Voor het project werd in Enschede een proef gedaan waarbij een groep burgers actief gebruik ging maken van een bestaande smart mobility app. Deze groep mensen testte de app en hielp daarmee de onderzoekers die het gebruik monitorden om de app te optimaliseren.

SMART-app uitgerold in de praktijk

"Na dit onderzoeksproject wilden we met de opgedane kennis een eigen app gaan bouwen. De toenmalige start-up Mobidot, een partner die vanuit het onderzoeksproject was ontstaan, hielp bij de ontwikkeling van de SMART-app: Self-Motivated And Rewarded Travelling", aldus Groenewolt. Het doel van de app is om mensen bewust te laten kiezen met welk vervoermiddel ze reizen en ze vervolgens te stimuleren om de fiets te pakken. "Dat is goed voor hun gezondheid, goed voor de doorstroming van het verkeer en in veel gevallen net zo snel als de auto", vervolgt Groenewolt met enthousiasme. "Er zit een bonussysteem in de app waarmee gebruikers punten kunnen sparen met elke uitdaging die ze volbrengen. Met deze punten krijgen ze zelfs gratis producten of diensten bij lokale ondernemers. Denk hierbij aan een dag gratis parkeren, een gratis check-up van je fiets, tweede pannenkoek gratis of een tweede uur gratis bowlen in het bowlingcentrum."


Dat bonussysteem hebben we vaker gezien bij fietsapps, maar de SMART-app onderscheidt zich van andere applicaties door de beloning niet te koppelen aan één specifieke gedraging, maar aan de meest passende gedraging in een bepaalde situatie of op een bepaalde plek. Op zaterdagen waarop grote drukte in het centrum wordt verwacht, kan een uitdaging ingezet worden om op de fiets naar het centrum te komen in plaats van met de auto. Tevens zijn groepsuitdagingen mogelijk. Door het competitieve element zullen deze voor sommige gebruikers uitdagender zijn dan individuele uitdagingen.

Data verzameld en dan?

"De SMART-app gebruiken we als volwaardig middel in ons totale fietsbeleid", zegt Groenewolt. "De data die nu binnenkomen analyseren we en we experimenteren met diverse uitdagingen om te kijken welke uitdagingen aanslaan bij de gebruikers. Er lopen nieuwe onderzoeksprojecten met grotendeels dezelfde partners als in het SUNSET-project om te kijken hoe we meer doen met de data die we verkrijgen."

 

Gevraagd naar wat de gemeente al doet met data binnen het fietsbeleid, geeft Groenewolt aan dat er al verkeerslichten zijn waar gebruikers van de SMART-app sneller groen krijgen en dat bij het plannen van fietsstraten de data uit de app worden geraadpleegd. "We veranderen nog niet vaak daadwerkelijk iets aan het beleid of aan ontwerpen op basis van de data, maar het wordt al wel als factor meegewogen. Ik denk dat we daarin nog een stap kunnen maken’, voegt Groenewolt toe. ‘Hoe meer actieve gebruikers de app telt, hoe meer we er ook rekening mee gaan houden in beleid en ontwerp verwacht ik. Op dit moment hebben we zo’n zevenhonderd actieve gebruikers en dat aantal groeit gestaag door."


"In samenwerking met de Universiteit Twente onderzoeken we nu hoe we betrouwbare metingen kunnen doen van aantallen fietsers op bepaalde stukken fietspad. Voor auto’s meten we dat al via detectielussen, maar omdat fietsers niet netjes binnen rijbanen blijven, maar vaak in rijen naast elkaar de detectielussen passeren is dat niet zo gemakkelijk te meten. We ontwikkelen daar ingewikkelde rekenmethodes voor die daarin meer helderheid moeten scheppen. Hoe meer we meten, hoe meer we weten. En die kennis zijn we steeds meer aan het toepassen ten gunste van het fietsbeleid", besluit Groenewolt.


Door Rens Weustink van Future City Magazine.

Deel dit artikel

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

Inschrijven