Blog

Blog: Een soort 9292 on steroids

Volgens mij ben ik de gedroomde MaaS-kandidaat, schrijft Elise Fikse in haar blog. Ik woon in de stad, gebruik de auto onregelmatig en hecht geen enkele status of emotionele waarde aan autobezit. Binnen een straal van 400 meter van mijn huis zijn twee deelauto’s en twee autoverhuurbedrijven. Er zijn drie treinstations op fietsafstand, een tramhalte voor de deur en een metro binnen handbereik. En toch heb ik sinds kort een eigen auto. Waar gaat het mis? Als het al niet lukt om mobiliteit als service aan mij te slijten, aan wie dan wel?

Veel van wat ik lees over MaaS, gaat over het gemak van alle soorten vervoer betalen vanuit een tegoed. Het lijkt me heus handig hoor, één account waarmee je een fiets, auto, taxi en tram kunt betalen, en die bovendien suggesties doet voor de optimale combinatie. Een soort 9292 on steroids. Maar die verschillende apps en accounts zijn voor mij het punt niet. Het maakt me niet veel uit dat ik een OV-chipkaart voor de bus heb en een app voor Car2Go en weer een andere app voor ConnectCar.  

 

Veel grotere obstakels zijn de prijs (duur), beschikbaarheid (onzeker) en vooral ook: gedoe (veel). Voor iedere overstap moet je rekening houden met vertraging, overstaptijd, zoeken naar een beschikbare fiets/auto/parkeerplaats en/of moet je een stalling in of een station door. Het kost tijd en is stressvol. Voor vrijetijdsverkeer is dat irritant, maar niet onoverkomelijk. Voor werkafspraken trek ik dat niet. Natuurlijk heb je met de auto filedreiging, parkeeronzekerheid en bereikbaarheidsvraagstukken. Maar je hoeft in elk geval maar over één modaliteit na te denken.  


Bovendien moet ik voor werk vaak met grote spullen op onchristelijke tijden naar matig bereikbare plekken. Dan is de auto veruit de beste optie. Een deelauto is een mogelijkheid, maar wel een heel dure. Even op en neer vanuit Amsterdam naar Den Haag kost al gauw 60 euro. Voor een volle dag naar Zwolle ben je een meier verder. Een huurauto is een stuk goedkoper, maar dan zit je weer met openingstijden, wachttijd aan de balie, formulieren invullen; voor je eenmaal wegrijdt ben je een half uur verder. SnappCar, hoor ik u zeggen? Te veel gedoe. Als ik om zeven uur ‘s ochtends moet vertrekken, wil ik niet eerst handjes schudden en een rondje om de auto met een onbekende in een badjas. Dan dus toch maar een eigen auto. Want ik ben heel erg voor Mobility as a Service, maar vooralsnog voelt het meer als een hoofdpijndossier.

Door Elise Fikse. Dit artikel is verschenen in Verkeer in Beeld 02/2018

Deel dit artikel