Artikel

Verkeerslokaal ontwikkelt verkeersbewuste kinderen

VerkeersLokaal is een interactief, online verkeerseducatie-programma voor leerlingen in de hoogste groepen van het basisonderwijs en brugklassers. Opvallend onderdeel is dat leerlingen de woon-schoolroute digitaal in kaart brengen en daarin gevaarlijke situaties aangeven en omschrijven. Deze informatie wordt verwerkt in een lokale verkeersquiz en praktijkfietslessen. Ook krijgt de gemeente inzicht in de genoemde verkeerssituaties.

Door Nettie Bakker


Verkeerslokaal is vanaf de start in 2006 voortdurend in ontwikkeling en scoort intussen al maximaal op 9 van de 10 onderdelen in de CROW-Toolkit Permanente Verkeerseducatie. “Het ene punt waarop we nog kunnen verbeteren is het onderdeel effectmeting”, zegt Marleen Petrie, Coördinator verkeerseducatie bij verkeersonderzoeks- en adviesbureau de Groot Volker, de ontwikkelaar van het programma. “Dit is ook het moeilijkste punt voor de meeste verkeerseducatieprojecten, want hoe meet je verkeersveiligheidseffecten precies en hoe kun je ze onderbouwd toewijzen aan jouw programma? Om daartoe toch een poging te wagen passen we in het nieuwe schooljaar voor het eerst ook een digitale 0- en 1-meting toe, ook in de vorm van een quiz, om zo meer inzicht te krijgen in het effect van het lesprogramma.”

 

Deelnemende scholen kunnen een aanvraag doen voor een fietsdocent die steeds kleine groepjes leerlingen meeneemt voor een praktijkles.

Een schooljaar lang

Het digitale lesprogramma Verkeerslokaal wordt door gemeenten of provincies gesubsidieerd. Voor het correct verwerken van deze subsidiestroom heeft Bureau de Groot Volker de Stichting Verkeersonderwijs.nl opgericht. Via deze Stichting wordt, afhankelijk van de hoogte van het subsidiebedrag, per gemeente of provincie een aantal scholen een digitale jaargang VerkeersLokaal aangeboden. Scholen kunnen zo een schooljaar lang werken met het programma. Dit programma bevat niet alleen lesmateriaal voor leerlingen, maar ook een aparte module voor docenten om de prestaties van individuele leerlingen te volgen. Gemeenten hebben toegang tot een eigen gemeentemodule.


Quiz en praktijkfietsles

Kern van het programma is lesstof in de vorm van quizzen en de module om de eigen schoolroute in kaart te brengen. Samen met de punten die worden geprikt wordt zo iedere keer weer een nieuwe lokale quiz gemaakt, met voor de leerlingen herkenbare situaties. Die quiz wordt opgenomen in een verzameld quizzenbestand dat toegankelijk is voor alle deelnemende scholen. Petrie: “Wij maken er altijd een evenwichtige quiz van waarin alle belangrijke verkeerssituaties aan bod komen, zoals een vraag over een spoorwegovergang, ook als er geen spoor is op de woon-schoolroute.” Aanvullend kunnen scholen een praktijkfietsles afnemen langs de gevaarlijke routes die de leerlingen in een eerdere fase aangaven. 

“Als je van hoog komt en er komt iemand aan fietsen, dan kan diegene die van hoog komt, vallen. Het is al een keer gebeurd bij mij, mijn zus en mijn vader.”

Gevaarlijke situaties

Petrie geeft een paar voorbeelden van verkeerssituaties die leerlingen als gevaarlijk omschrijven: “Hier komen auto's van rechts en vaak veel auto's achter mij en ik moet naar links, ik weet niet goed hoe”. Of: “Een rotonde oversteken, dat vind ik spannend”. Maar ook: “Ik kan niet zo goed zien of er een auto aankomt en vaak nemen ze de binnenbocht”. En: “Het is een plek waar je van twee punten komt, van hoog en laag. Als je van hoog komt en er komt iemand aan fietsen, dan kan diegene die van hoog komt, vallen. Het is al een keer gebeurd bij mij, mijn zus en mijn vader”.

 

Deze gevaarlijke situaties geven bij elkaar een aardig beeld van de objectieve en met name de subjectieve verkeersveiligheid. Petrie: “Dat is weer belangrijke informatie voor de betreffende gemeente of provincie. We krijgen ook wel eens het verzoek van een gemeente om een analyse te maken van de genoemde gevaarlijke punten.” De leerlingen kunnen een verkeersquiz individueel maken of klassikaal, of zelfs thuis met de ouders.


Fietsdocent

De praktijklessen kunnen door de scholen worden gegeven, maar afhankelijk van het aanbod kan de school ook een aanvraag doen voor een fietsdocent. Die komt dan naar de school en neemt gedurende de schooldag steeds een klein groepje kinderen mee voor een praktijkles fietsen. Onderweg wordt op verschillende punten even stil gestaan en wordt er uitleg gegeven over regels, gedrag en borden. “Deze fietsdocenten worden door ons ingehuurd en getraind”, legt Petrie uit. “We werven vooral op de pabo’s en gelukkig zijn er ook steeds meer ‘meesters in spe’ die zich hiervoor aanmelden.”

 

“De praktijkles is geen vervanging van het verkeersexamen”, benadrukt Petrie, “maar is wel een goede oefening voor het Nationale Verkeersexamen, dan wel in ieder geval een alternatief voor scholen die niet deelnemen aan het verkeersexamen. Ieder kind krijgt na afloop van het schooljaar een certificaat van deelname aan VerkeersLokaal en met het doorlopen van de modules wordt in ieder geval verkeersbewustzijn ontwikkeld.”


Toekomst

En de toekomst? Petrie: “We zijn nu bezig met een nieuw platform voor VerkeersLokaal waarmee we het gebruiksgemak verbeteren en aanvullende enquêtes willen toevoegen, met vragen als: ben je wel eens gevallen? Ook denken we aan een competitie-element tussen leerlingen onderling, maar ook tussen scholen. En we zullen waarschijnlijk ook meer onderscheid gaan maken tussen de lesstof voor de basisscholen en die voor brugklassers.”  

 

Dit artikel verschijnt in Verkeer in Beeld 3, juli 2019.

 


Deel dit artikel